Bereken de onderstaande sommen.

(Rond euro's af op 2 decimalen, mensen afronden op een heel getal)

 

SOMMEN  

1

In een land wonen 16,8 miljoen mensen. Het aantal inwoners groeit met 0,6% doordat enkele duizenden vluchtelingen een verblijfstatus krijgen. Hoeveel vluchtelingen krijgen een verblijfstatus?

   

 

 

 

2

In totaal komen er 9.400 vluchtelingen naar ons land, echter wordt 42,8% direct teruggestuurd. Economische vluchtelingen zijn niet welkom namelijk. Hoeveel vluchtelingen stuurt men direct terug?

 

 

 

 

3

Op een school zitten nu 925 leerlingen. 22% zit op VMBO basis. Hoeveel leerlingen zit op VMBO basis?

 
 

 

 
4

Je zakgeld is €35 per maand. Je krijgt vanaf volgende maand 15% extra. Hoeveel wordt je nieuwe zakgeld?

 
 

 

 
5 Een iPad kost normaal €699,50. Vanaf 1 januari gaan alle prijzen 2,5% omhoog. Hoeveel moet je dán betalen?

 

   

 

6

In de opruiming koop je een leuke winterjas met 45% korting. Normaal zou hij €249,90 kosten. Wat moet je betalen?

 

 

   
7

Een stad heeft 260.500 inwoners. Het aantal inwoners groeit met 3%. Hoeveel extra inwoners krijg de stad?

 

 

   
8

In een broekenactie koop je 3 broeken. Je krijgt bij aankoop van 3 broeken 70% korting op de goedkoopste broek. Ze kosten alle drie €119,-. Hoeveel moet je betalen?

 

 

   
9

Bij je telefoonabonnement krijg je normaal 1.250 MB internet. Er is een actie en nu krijg je 15% meer. Hoeveel MB krijg je dan nu? 

 

 

   
10

Een groot distributiebedrijf ziet zijn personeelskosten groeien met 3,1%, dat is de uitkomst van coa-onderhandelingen. De huidige personeelskosten bedragen €2,38 miljoen euro per jaar. Bereken de nieuwe jaarlijkse personeelskosten van dit bedrijf.

 

 

   

 Met procenten rekenen 5 (antwoorden)